Lexence

Constructieve veiligheid van gebouwen in de gebruiksfase: verplichte keuring in het verschiet?

16 december 2020 – De Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV) heeft – onder leiding van oud-minister Dijsselbloem – recentelijk haar onderzoek naar het instorten van een deel van het tribunedak van het AZ-stadion (17.000 zitplaatsen) afgerond. Belangrijkste conclusie van de OVV: periodieke aandacht voor constructieve veiligheid in de gebruiksfase van gebouwen is onvoldoende geborgd.

Eigenaren zijn zelf weliswaar zelf verantwoordelijk voor de veiligheid van hun gebouwen (en vaak ook aansprakelijk als het mis gaat, zie artikel 6:174 BW), maar een verplichting voor eigenaren om periodiek controle uit te voeren op de toestand van constructies ontbreekt. Om te voorkomen dat ongelukken zoals in Alkmaar zich in de toekomst opnieuw zullen voordoen, doet de OVV een belangrijke aanbeveling: de introductie van een Algemene Periodieke Keuring (APK) voor gebouwen.

Contactpersonen Hugo Goedegebure
Expertise Vastgoedontwikkeling en transacties
Leestijd 3 min leestijd

Constructieve veiligheid in de gebruiksfase

De OVV constateert dat de recente aandacht voor constructieve veiligheid in de ontwerp- en uitvoeringsfase (onder meer: naar aanleiding van de instorting van de parkeergarage bij Eindhoven Airport tijdens de uitvoeringsfase, zie ook het rapport van de OVV over dit voorval) onverlet laat dat bestaande gebouwen in de Nederland constructieve gebreken hebben die niet of te laat worden opgemerkt. De OVV wijst hierbij op de uitkomsten van een globale inventarisatie: de afgelopen 20 jaar hebben zich minstens 60 gevallen voorgedaan waarbij sprake was van ‘zeer ernstige constructieve problemen’. In de helft van deze gevallen is zelfs sprake geweest van instorting. De uitkomsten van deze inventarisatie zijn zorgelijk te noemen. Constructieve problemen kunnen immers (naar hun aard) tot zeer grote schade en letsel leiden.

Huidige wet- en regelgeving dwingt volgens de OVV onvoldoende af dat gebouweigenaren hun verantwoordelijkheid voor het beheersen van constructieve risico’s adequaat invullen. Op grond van artikel 1b lid 2 van de Woningwet geldt weliswaar een verplichting om ervoor te zorgen een gebouw veilig is en blijft, maar de invulling van deze verplichting is niet nader uitgewerkt. Bovendien is volgens de OVV zelden sprake van preventief gemeentelijk toezicht op de nakoming van deze verplichting.

APK voor gebouwen

Hoe ernstig de gevolgen van constructieve gebreken zijn, hangt uiteraard af van (onder meer) het soort gebouw. Het Bouwbesluit verwijst dan ook naar de indeling van gebouwen in drie gevolgklassen in de NEN-EN 1990. Die indeling is hieronder opgenomen.

De aanbeveling van de OVV ziet op de gebouwen die vallen onder gevolgklasse 3. Hieronder vallen niet alleen gebouwen die hoger zijn dan 70 meter, maar ook de gebouwen die vallen onder de (vrij brede) noemer ‘grote openbare gebouwen’. Ter zake de gebouwen die vallen in deze gevolgklasse 3 doet de OVV een aanbeveling (aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koningkrijsrelatie) die kan worden gezien als een ‘APK voor gebouwen’. Deze APK zou volgens de OVV wettelijk moeten worden verplicht. De aanbeveling wordt door de OVV als volgt uitgewerkt:

–  Laat dit periodiek onderzoek uitvoeren door een onafhankelijke, gecertificeerde deskundige.

–  Zorg ervoor dat de diepgang en frequentie van het onderzoek proportioneel zijn aan de potentiële ernst in termen van gevaar voor mensen.

–  Geef gemeenten de rol om toe te zien op de invulling van de wettelijke verplichting.

–  Leg vast dat gebouweigenaren bij elke eigendomsoverdracht het complete bouwdossier, inclusief rapporten van inspecties, beoordelingen en eventuele herstelmaatregelen, overdragen aan de nieuwe eigenaar.

–  Benut buitenlandse ervaringen met richtlijnen voor sportaccommodaties (Verenigd Koninkrijk) en met periodieke beoordeling van constructies (Duitsland).

Aandacht voor thema ‘constructieve veiligheid’

Er kunnen vraagtekens worden gezet bij de manier waarop thans de constructieve veiligheid van gebouwen tijdens de gebruiksfase wordt geborgd. Duidelijk is in ieder geval dat er veel ruimte is voor verbetering. Opdrachtgevers, eigenaars en gebruikers van gebouwen zullen zich moeten realiseren dat aandacht voor constructieve  van gebouwen niet stopt na de ontwerp- en uitvoeringsfase. Een verplichte periodieke keuring kan eraan bijdragen dat dit thema ook tijdens de gebruiksfase ‘top of mind’ blijft. De vraag is nu of de wetgever aan deze aanbeveling ook opvolging geeft.

Het voorval in Alkmaar toont aan dat aandacht voor dit thema van groot belang is. Ook de uitkomsten van de inventarisatie van de OVV onderstrepen het belang van aandacht voor constructieve veiligheid van gebouwen tijdens de gebruiksfase.

Het komende jaar zal het thema ‘constructieve veiligheid’ door de auteur van deze blog van verschillende kanten worden belicht. Onder meer de aansprakelijkheid van bezitters van opstallen, de aansprakelijkheid van de aannemer, architecten en overige adviseurs en de relevantie van constructieve veiligheid bij vastgoedtransacties zullen aan de orde komen.

Voor vragen naar aanleiding van deze blog en/of andere vragen over het thema constructieve veiligheid kunt u uiteraard contact opnemen met Hugo Goedegebure via h.goedegebure@lexence.com