nl/en
Publicatie ⸱ 13-03-2014

Proeftijd

Voor de invoering van de Wet werk en zekerheid (WWZ) was het mogelijk dat arbeidsovereenkomsten een proeftijd bevatten gedurende welke periode beide partijden de arbeidsovereenkomst op ieder moment mogen opzeggen. De duur van de proeftijd in een arbeidsovereenkomst van korter dan twee jaar mocht maximaal 1 maand bedragen en in een arbeidsovereenkomst met een looptijd langer dan twee jaar maximaal 2 maanden.

Vanaf 1 januari 2015 is dit veranderd: vanaf die datum is het niet meer mogelijk om in een arbeidsovereenkomst van zes maanden of korter een proeftijd op te nemen.

Duurt de arbeidsovereenkomst langer dan zes maanden, dan gelden dezelfde restricties als voorheen: de maximale duur van de proeftijd is twee maanden, en een maand indien de arbeidsovereenkomst voor korter dan twee jaar is gesloten. Ook blijven de schriftelijkheidseis en de eis dat het proeftijdbeding voor beide partijen gelijk is, onverkort gelden. Indien er voor 1 januari 2015 in een cao is afgeweken van de proeftijd dan blijft die termijn geldig voor de duur van de looptijd van de cao of regeling met een maximum van 18 maanden. Een proeftijdbeding van langer dan een maand bij een arbeidsovereenkomst korter dan twee jaar is nietig, tenzij in een CAO of bestuurlijke regeling anders is besloten.

Tenslotte zijn eerdere uitspraken van de Hoge Raad gecodificeerd in het nieuwe wetsartikel in de Wet werk en zekerheid (WWZ): vanaf 1 januari 2015 is een proeftijdbeding nietig indien de werkgever op basis van een eerdere arbeidsovereenkomst met de werknemer al een voldoende duidelijk beeld van de bekwaamheid van deze werknemer heeft kunnen vormen. Ook een proeftijdbeding in een opvolgende arbeidsovereenkomst, waarbij de vorige en huidige werkgever elkaars opvolger zijn, is nietig.

De regering beoogt met de wetswijzigng te bewerkstelligen dat de werkgever wordt gedwongen een keuze te maken: of een kort dienstverband zonder proeftijd, of een langer dienstverband met een proeftijd. Mocht een werkgever toch een proeftijd willen overeenkomen, dan kan hij ervoor kiezen om een arbeidsovereenkomst te sluiten voor langer dan zes maanden. Hier valt wel wat voor te zeggen, omdat kortdurende contracten vaak bij wijze van proef worden afgesloten, waar een proeftijdbeding dan minder passend is. Er is bij deze wetswijziging echter geen rekening gehouden met het mogelijke effect dat de werkgever in dat geval helemaal geen arbeidsovereenkomst zal aanbieden voor de eerste zes maanden en medewerkers aannemen op basis van een uitzendovereenkomst. Bovendien valt de regel zes maanden of korter makkelijk te omzeilen door een arbeidsovereenkomst aan te bieden voor de duur van zes maanden en een paar dagen.

Al met al is de vraag of de onzekerheid die een kortdurende arbeidsovereenkomst en een daarin opgenomen proeftijdbeding met zich brengt, door deze wetswijziging in de Wet werk en zekerheid (WWZ) wordt opgeheven.

Inmiddels is de eerst WWZ-jurisprudentie over de proeftijd een feit. In de zaak bij de Rechtbank Midden Nederland op 13 mei 2015 (ECLI:NL:RBMNE:2015:3460) wordt een IT-medewerker per 1 maart 2015 aangenomen voor de duur van zes maanden. In de arbeidsovereenkomst staat een proeftijdbeding opgenomen. Op 31 maart wordt de arbeidsovereenkomst, binnen de proeftijd, door de werkgever opgezegd. De rechter oordeelt dat sinds 2015 geen proeftijd kan worden opgenomen in een arbeidsovereenkomst van ten hoogste zes maanden. De proeftijd is nietig en door de werkgever is niet rechtsgeldig opgezegd. Dit betekent dat de arbeidsovereenkomst in stand is gebleven en de werknemer door de werkgever weder te werk moet worden gesteld. Tevens moet de werkgever het loon van 1 april doorbetalen.

Heeft u vragen over dit onderwerp, neem contact op:

Recente zaak ⸱ 04-06-2026
Lexence heeft Hearing Investment B.V. begeleid bij de verkoop van IntoEars Holding B.V. aan Oorwerk B.V.
Blogreeks Amsterdamse Handelsgeest ⸱ 28-05-2026
Van digitale stad naar AI: wie heeft de controle?
Interview ⸱ 26-05-2026
Middelgrote advocatenkantoren lonken onder druk van AI-kosten naar samenwerking
Webinar ⸱ 22-05-2026
Webinar actualiteiten huurrecht bedrijfsruimte
Podcast Amsterdamse Handelsgeest - Van de Gouden Eeuw tot Nu ⸱ 22-05-2026
De Digitale Stad, AI en de Toekomst van Technologie
Publicatie ⸱ 20-05-2026
Update beloningen: bonusplafond financiële sector, loontransparantie en WNT
Interview ⸱ 19-05-2026
Nieuwe employer branding van Lexence: persoonlijk en to the point
Recente zaak ⸱ 18-05-2026
Lexence heeft HC Partners geadviseerd bij haar partnership met Dakvisie
Recente zaak ⸱ 12-05-2026
Lexence heeft De Jong & Laan geadviseerd bij haar voorgenomen partnership met CROP
Blogreeks ESG ⸱ 07-05-2026
Wil je concreet aan de slag met ESG, maar weet je niet waar te beginnen?
Podcast ⸱ 05-05-2026
Zeven jaar uitzenden bij Ahold en het onderzoeksdebacle bij Ongehoord Nederland
Blogreeks Vastgoed en recht in de praktijk ⸱ 04-05-2026
Logistiek vastgoed verhuren? Denk aan triple net, maar leg het goed vast
Event ⸱ 22-04-2026
Ontbijtseminar ‘ESG voor bestuurders: afwachten of sturen? Inzichten voor toekomstbestendig ondernemen’
Blog ⸱ 16-04-2026
Artikel over AI van Stephanie ter Brake en Heleen Kleinjan in Tijdschrift Ondernemingsrechtpraktijk
Kantoornieuws ⸱ 16-04-2026
League Tables Q1 2026: Lexence stijgt in ranglijst van dealvolume
Alle berichten