Op zekere momenten vond ik de studie rechten erg theoretisch. Tijdens de stageperiode heb ik meegemaakt hoe het recht in de praktijk wordt toegepast. Twee maanden lang heb ik de mogelijkheid gekregen om de dagelijkse activiteiten en beslommeringen van een advocaat te zien. Dat varieerde van een jurisprudentielunch en wekelijkse werkbespreking tot het schrijven van memo’s over diverse onderwerpen, rechtbankbezoeken, cliëntbesprekingen, jurisprudentieonderzoeken en borrels. Deze laatste zijn er overigens in verschillende variaties, zoals een borrel met kantoorgenoten, op of buiten kantoor, maar ook Jonge Balie Borrels, met voornamelijk advocaten van andere kantoren. Zo ontmoet je anderen die min of meer hetzelfde doen als jij en waarmee je ervaringen kunt uitwisselen.
Door de stage heb ik gezien dat het werk van een advocaat heel divers is, en geen dag hetzelfde. Elke zaak is verschillend en je hebt steeds met andere mensen te maken. Dat spreekt mij bijzonder aan.
Na afloop van mijn stage heb ik nog een jaar gestudeerd. In dit jaar heb ik de mogelijkheid gekregen om de sectie ondernemingsrecht een dag per week te blijven ondersteunen. Na het afronden van mijn studie ben ik bij het team arbeidsrecht als advocaat begonnen. Met arbeidsrecht was ik nog niet veel in contact gekomen, maar ik ben goed opgevangen en heb inmiddels mijn draai gevonden. Het bevalt uitstekend (mede omdat inmiddels het eerste ‘echte’ salaris is binnengekomen).
Een studentstage was voor mij niet alleen bijzonder leerzaam, maar heeft mij ook doen beslissen de advocatuur in te willen en uiteindelijk ook een fantastische baan opgeleverd. Een studentstage in één woord: doen!





