Tijdelijk huurcontract op grond van Leegstandwet

15 april 2015
 
Tijdelijk verhuur woonboerderij op grond van Leegstandwet. Verhuurder vordert na twee jaar ontruiming van het gehuurde. Huurders kunnen aanspraak maken op huurbescherming omdat niet is voldaan aan de eisen van art. 15 LW en art. 16 LW. De woning stond bij het aangaan van de huurovereenkomst niet leeg omdat de eigenaren daarin nog woonden. Dit betekent volgens de kantonrechter dat de Leegstandwetvergunning ten onrechte is verleend en dat huurders huurbescherming hebben. De kantonrechter oordeelt dat verhuurders evenmin een beroep kunnen doen op het ontbreken van huurbescherming omdat niet is voldaan aan formele vereisten van art. 16 LW. In de schriftelijke huurovereenkomst is geen melding gemaakt van de (door B&W) verleende vergunning. Die vergunning was bij het aangaan van de huurovereenkomst nog niet verleend. Dit brengt (eveneens) mee dat huurders recht hebben op huurbescherming. Marieke van Schie schrijft een noot bij deze zaak.