Flexibele arbeid

13 mei 2013
 
Het nieuwe sociaal akkoord houdt meer rekening met het flexwerken. De meest recente wijzigingen:
 
• Vanaf 1 januari 2015 worden verschillende maatregelen van kracht ten aanzien van flexibele arbeid om de positie van de flexwerker te verbeteren.

• De ketenregeling wordt aangepast, waardoor op twee manieren een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd automatisch omgezet wordt in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd:

1. De vierde arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is van rechtswege een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, indien de arbeidsovereenkomsten elkaar hebben opgevolgd met een tussenpoos van niet meer dan zes maanden (momenteel geldt drie maanden).

2. Nadat de reeks arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd de tijdsduur van twee jaar hebben overschreden (momenteel geldt een periode van drie jaar).

• Bij CAO kan – indien noodzakelijk gelet op de aard van het werk - zodanig worden afgeweken van de ketenregeling dat er maximaal zes tijdelijke arbeidsovereenkomsten in een periode van vier jaar overeengekomen kunnen worden.

• De ketenregeling en de transitievergoeding zijn niet van toepassing op dienstverbanden van werknemers jonger dan achttien jaar met een arbeidsovereenkomst van twaalf uur of minder. Deze dienstverbanden tellen evenmin mee bij de toepassing van de ketenregeling dan wel de transitievergoeding na het bereiken van achttien jaar.
 
• Arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd mogen geen concurrentiebeding bevatten (behoudens bijzondere omstandigheden).

• Tijdelijke arbeidsovereenkomsten van niet meer dan zes maanden mogen evenmin een proeftijdbeding bevatten.

• Het benutten van een uitzendbeding kan per CAO worden verlengd tot ten hoogste 78 weken.

• De mogelijkheid om gedurende zes maanden af te wijken van de regeling dat een werknemer loon krijgt doorbetaald als de arbeid niet is verricht voor een reden gelegen in de risicosfeer van de werkgever, wordt beperkt.

• Het wordt in de zorg niet langer toegestaan nulurencontracten te gebruiken.
 
• Een aantal andere elementen wordt (eventueel) later uitgewerkt, waaronder het tegengaan van driehoeksrelaties (zoals uitzendarbeid en payrolling) en schijnconstructies en aanpassing van de regels van overgang van onderneming bij aanbestedingen.
 
Het sociaal akkoord heeft nu nog het karakter van een ‘onderhandelingsakkoord’. Op 19 april 2013 heeft minister-president Rutte evenwel aangekondigd het sociaal akkoord om te gaan zetten in wetsvoorstellen. Deze voorstellen zullen waarschijnlijk in het najaar van 2013 gereed zijn.