Digitaal procederen. Wat verandert er voor u?

1 oktober 2016
 

Procederen zal naar verwachting ingrijpend veranderen. Niet alleen voor advocaten, maar ook voor procespartijen zelf. Waar nu nog procesdossiers in veelvoud moeten worden overgelegd en korte berichten per fax worden verstuurd, wordt het vanaf 2017 mogelijk processtukken via één online portal in te dienen. Procespartijen krijgen daarnaast zelf via deze portal toegang tot de processtukken en inzicht in het procedureverloop.

 

Dit zijn slechts enkele meer praktische wijzigingen als gevolg van het programma Kwaliteit en Innovatie rechtspraak (KEI). Nadat de hiervoor benodigde wetsvoorstellen recent door de Tweede en Eerste Kamer zijn aangenomen, zal vanaf 1 januari 2017 digitaal procederen gefaseerd worden ingevoerd. De invoering begint met handelsvorderingen bij (twee) rechtbanken en vervolgens zal het hoger beroep vanaf juli 2017 "digitaal gaan". Kantonzaken, verzoekschriftprocedures en uiteindelijk de kort gedingprocedure zullen later respectievelijk in 2018 en 2019 digitaal worden gevoerd.

 

In meer algemene zin zal de procedure in het civiele proces ook eenvoudiger worden. Het onderscheid tussen een verzoekschrift- en een dagvaardingprocedure verdwijnt. Alle procedures zullen aanvangen met een zogenoemde "procesinleiding". Ook wordt het mogelijk een verzoek met een (samenhangende) vordering in één processtuk aan een rechter voor te leggen, waarvoor nu nog twee procedures nodig zijn. De nieuwe basisprocedure heeft in beginsel het volgende vaste patroon: één schriftelijke ronde, een mondelinge behandeling en een uitspraak. Kortere termijnen zullen gelden met minder mogelijkheden tot uitstel. De rechter zal tegelijkertijd meer in staat worden gesteld "maatwerk" te leveren wanneer een zaak complexer is. Zo kan een rechter langere termijnen hanteren of beslissen tot extra procesverrichtingen, zoals een tweede schriftelijke ronde of het horen van getuigen direct tijdens de mondelinge behandeling van de zaak.

 

Tot slot is vermeldenswaardig dat niet meer altijd een deurwaarder zal hoeven te worden ingeschakeld om een procedure te starten. De eisende partij kan er bijvoorbeeld voor kiezen om de procesinleiding op informele wijze te (laten) bezorgen bij de andere partij. Het wordt zelfs mogelijk om burgers zonder bekende woon- of verblijfplaats digitaal op te roepen. Echter, wanneer de vrees bestaat dat een partij niet vrijwillig verschijnt, blijft het raadzaam om een deurwaarder de procesinleiding te laten betekenen.

 

Kortom, de van oudsher traditionele wijze van procederen zal wezenlijk gaan veranderen. Hopelijk zullen procedures daadwerkelijk efficiënter kunnen worden gevoerd, wat kostenbesparend zal werken. En dat valt toe te juichen. Lexence volgt de ontwikkelingen voor u op de voet. Mocht u meer informatie willen over de invoering van KEI, digitaal procederen of andere procesrechtelijke onderwerpen, neem dan contact op met Wesley Vader (w.vader@lexence.com), advocaat litigation.